Stikstofkunstmest — zoals ureum, ammoniumnitraat en samengestelde meststoffen — is een van de zes CBAM-sectoren. De productie is intensief in aardgasverbruik, waardoor emissies sterk variëren tussen landen. Voor agrarische importeurs brengt dit nieuwe compliance-uitdagingen.
Welke kunstmestproducten vallen onder CBAM?
CBAM is van toepassing op stikstofhoudende meststoffen en aanverwante producten:
- Ureum (GN-code 3102.10) — meest geïmporteerde kunstmest
- Ammoniumnitraat (GN-code 3102.30)
- Calksalpeter en natriumnitraat (GN-code 3102.50/60)
- Samengestelde NPK-meststoffen met stikstof (GN-code 3105)
- Ammoniak (GN-code 2814) — als grondstof voor meststoffen
De rol van aardgas in emissies
De productie van stikstofkunstmest begint met de synthese van ammoniak via het Haber-Bosch proces. Dit proces verbruikt grote hoeveelheden aardgas — zowel als energiebron als als grondstof (waterstofbron). Landen met goedkoop aardgas (Rusland, Golf-staten) hebben vanouds een kostenvoordeel, maar ook een hoge CO₂-voetafdruk.
Geopolitieke impact
Rusland is een van de grootste exporteurs van kunstmest ter wereld. Door de oorlog in Oekraïne zijn de handelsstromen al verschoven. CBAM versterkt dit effect: Russische kunstmest heeft een relatief hoge CO₂-voetafdruk en zal extra CBAM-kosten met zich meebrengen.
Aanpak voor kunstmestimporteurs
Kunstmest wordt veelal ingekocht via traders en agenten, niet direct bij producenten. Dit maakt het verzamelen van emissiedata complexer: u moet de keten terug naar de productiefaciliteit traceren. Investeer in directe relaties met producenten of werk met gespecialiseerde CBAM-verificateurs die ervaring hebben met de kunstmestsector.